
Onze ambities voor de komende vier jaar
De ambities van het HPC geven richting aan onze ontwikkeling in de komende vier jaar. Ze vormen het kompas waarmee we koers houden op wat we belangrijk vinden in ons onderwijs, zoals dat in het schoolplan is beschreven. Onze ambities groeien voort uit de vijf richtinggevende concepten van de school en maken zichtbaar wat we willen versterken, verdiepen of verbeteren.
Door onze concepten helder te formuleren en voortdurend te spiegelen aan zowel onze koers als de dagelijkse praktijk, zorgen we ervoor dat we doen wat we zeggen. We ontdekken waar ontwikkeling nodig is, waar we al groeien en waar we kunnen leren van elkaar. Zo brengen onze ambities de school in beweging met doelen die richting geven aan de toekomst en concreet maken hoe wij samen onderwijs realiseren.

Aanpak
De manier waarop wij de ambities bij elk van onze richtinggevende concepten realiseren, wordt uitgewerkt in professionele leergemeenschappen, zoals teams, vaksecties of analysegroepen. Als professionele leergemeenschap (PLG) zetten zij uiteen welke activiteiten moeten worden uitgevoerd om de ambities te realiseren. Ze besteden daarbij in elk geval aandacht aan:
- Welke praktijkervaringen bij de ambities er al in de school aanwezig zijn? Wat willen we behouden, verbeteren of weghalen.
- Liggen de ambities in lijn met de koers van de school?
- Welke inzichten interne kwaliteitsdata geven over de ambities waar we lering uit kunnen
- trekken.
- Wat zegt de wetenschap over de ambities? Wat werkt wel en wat niet?
- Wat zijn de ervaringen van andere scholen met vergelijkbare concepten?
- Wat en hoe gaan we ambities uitproberen?
1. Ambitie voor coaching
Iedere leerling wordt gezien, er is inzicht in de groep
Coaching krijgt betekenis wanneer leerlingen ervaren dat hun leerproces en persoonlijke ontwikkeling ertoe doen, voor henzelf en voor hun toekomst. Bij het Hendrik Pierson College (HPC) heeft elke leerling vanaf het eerste leerjaar een persoonlijke coach. Deze coach ondersteunt de leerling in het ontwikkelen van zelfstandigheid, verantwoordelijkheidsgevoel en zelfreflectie, zowel
Werkwijze
We brengen coaching tot leven door structurele, individuele gesprekken waarin leerlingen hun doelen verkennen, keuzes maken en reflecteren op hun voortgang. De coach biedt hierbij houvast, feedback en inspiratie, terwijl de leerling zelf de regie behoudt. Dit verloopt van meer sturing in de onderbouw naar meer eigen verantwoordelijkheid in de bovenbouw.
Alle medewerkers van het HPC dragen bij aan coaching. Dit betekent dat iedereen zichtbaar, aanspreekbaar en betrokken is, zowel in de klas, op de gang als tijdens andere momenten op school. Zo ontstaat een pedagogisch klimaat waarin leerlingen vertrouwen krijgen en zich veilig voelen om te experimenteren, fouten te maken en te groeien.
Coaching gaat verder dan individuele gesprekken. Leerlingen werken samen in groepen en leren van elkaar, begeleid door docenten die groepsdynamiek actief monitoren en sturen. Door groepsdoelen expliciet te maken en samenwerking te stimuleren, ontwikkelen leerlingen een gevoel van verantwoordelijkheid en leren ze samen te werken aan een positieve leeromgeving.
Richting 2029
- Elke leerling wordt individueel gecoacht op cognitief en sociaal-emotioneel gebied volgens gezamenlijke uitgangspunten.
- Alle medewerkers zijn geschoold in individueel coachen en groepsdynamisch werken, zichtbaar in hun dagelijkse interacties en groepsactiviteiten.
- Coachgesprekken volgen een gestructureerd format met duidelijke doelen die bijdragen aan de langetermijnontwikkeling van de leerling.
- Leerlingen kunnen reflecteren op hun leerproces, doelen stellen en hun eigen route richting toekomst vormgeven.
- Coaching is zichtbaar in alle lessen, activiteiten en schoolbrede projecten, waarbij samenwerking en kennisdeling centraal staan.
- Structurele afspraken over coaching, registratiesystemen en teamverantwoordelijkheden zijn ingebed in de schoolorganisatie.

2. Ambitie profielonderwijs
Naar een volledig afgestemd profielonderwijs
Onderwijs krijgt betekenis wanneer leerlingen leren op een manier die aansluit bij wie zij zijn, waar zij goed in zijn en wat zij nodig hebben om te groeien. Profielonderwijs maakt dit mogelijk door leerlingen te laten kiezen uit leerwegen en talentprofielen die passen bij hun interesses, vaardigheden en ambities. Door ruimte te bieden voor persoonlijke keuzes en maatwerk ontwikkelen leerlingen zelfbewustzijn, eigenaarschap en motivatie. Zo ontdekken zij wat bij hen past, leggen zij verbindingen met de praktijk en bereiden zij zich voor op vervolgopleiding en toekomstig werk.
Werkwijze
Wij brengen profielonderwijs tot leven door leerlingen actief keuzes te laten maken binnen een breed onderwijsaanbod. Ze ontdekken hun talentprofiel (bijvoorbeeld Technologie, Kunst & Cultuur of Sport) en volgen daarbinnen modules, projecten en flexuren die aansluiten bij hun interesses. Deze keuzes worden begeleid door docenten en coaches die leerlingen helpen plannen, reflecteren en zicht te krijgen op hun voortgang.
Leerlingen werken zelfstandig of in groepsverband aan opdrachten en projecten, waarbij theorie en praktijk worden gecombineerd. Belangrijk is dat leerlingen elkaar ontmoeten, niet zelden over niveaus en jaarlagen heen. Zo kunnen zij hun eigen interesses en talenten spiegelen aan die van anderen, inspiratie opdoen en leren van elkaars perspectieven en aanpakken. Dit versterkt sociale vaardigheden, samenwerking en het leren van en met elkaar, in lijn met sociaal-constructivistische principes.
Docenten ontwerpen leerervaringen die uitdagen, activeren en ruimte geven voor eigen keuzes. Ze ondersteunen leerlingen bij het maken van bewuste keuzes, reflectie op hun ontwikkeling en het zichtbaar maken van behaalde resultaten in portfolio’s en presentaties. Coaches en mentoren begeleiden leerlingen gestructureerd in hun talentontwikkeling, loopbaanoriëntatie en persoonlijke groei.
We sluiten aan bij actuele thema’s in samenleving en arbeidsmarkt, zoals technologie, duurzaamheid en culturele ontwikkeling. Samenwerking met bedrijven, maatschappelijke organisaties en vervolgonderwijs biedt leerlingen betekenisvolle praktijkervaring en versterkt hun burgerschapscompetenties.
Richting 2029
- Profielonderwijs is voor alle leerlingen zichtbaar en doorlopend van onder- naar bovenbouw.
- Alle leerlingen werken actief aan keuzes die passen bij hun talenten en interesses en verkennen deze door verbreding en verdieping.
- Leerlingen ontmoeten elkaar regelmatig, ook over niveaus en jaarlagen heen, om van elkaar te leren, inspiratie op te doen en hun eigen keuzes te toetsen.
- Docenten doen recht aan verschillen tussen leerlingen en bieden maatwerk door differentiatie op basis van talenten en interesses. Ze zijn hiervoor geschoold en ontwerpen concrete en uitvoerbare lesplannen en projecten binnen profielmodules en keuze-uren.
- Coaches begeleiden leerlingen doelgericht bij planning, reflectie en zelfsturing ten behoeve van het keuzeproces.
- Leerlingen ervaren in de lesvormen concrete ruimte en keuzevrijheid, bijvoorbeeld in projecten, talentmodules, flexmomenten en portfolio-opdrachten.
- Leerlingen kunnen verwoorden welke keuzes zij hebben gemaakt, waarom, en hoe dit bijdraagt aan hun persoonlijke en loopbaanontwikkeling.
- Het HPC biedt een breed netwerk van praktijkpartners, stages en maatschappelijke projecten, zichtbaar en structureel ingebed in het curriculum.

3. Ambitie voor de regioschool
Verankerd in de regio, leren binnen en buiten
We zijn een school met diepe wortels in de Betuwe. Leren stopt niet bij de schooldeur: leerlingen ontwikkelen zich in samenhang met hun omgeving. Onderwijs krijgt betekenis wanneer het verbonden is met de wereld buiten de school, met de mensen, organisaties en vraagstukken die onze regio kleuren. Als regioschool willen we een plek zijn waar onderwijs, bedrijfsleven en maatschappelijke partners elkaar versterken en waar leerlingen ervaren dat leren ertoe doet.
Werkwijze
We hebben de afgelopen jaren sterke relaties opgebouwd met basisscholen in onze regio. Onze leerlingen verzorgen gymlessen voor basisschoolleerlingen, en basisscholen komen bij ons voor kunst- en technieklessen. Deze samenwerking breiden we de komende jaren verder uit. We organiseren vaste contactmomenten en werken aan een gezamenlijke doorgaande leerlijn, zodat de overgang van primair naar voortgezet onderwijs soepeler verloopt.
Binnen ons gebouw hebben we de verbinding met de regio al zichtbaar gemaakt. Onze praktijkruimtes groeien uit tot proeflabs waar leerlingen samenwerken met regionale partners aan echte vraagstukken. Of het nu gaat om techniek, zorg, duurzaamheid of kunst, leerlingen ervaren dat leren betekenis krijgt als school en samenleving samen optrekken.
Voor de komende schoolplanperiode richten we ons op het verdiepen van bestaande samenwerkingen. We verkennen de mogelijkheden voor lintstages op maatschappelijk en beroepsgericht vlak, zodat leerlingen ervaring opdoen buiten school en zicht krijgen op de beroepspraktijk in hun omgeving. We ontwikkelen daarnaast samen met partners toekomstgerichte ideeën voor een multifunctioneel gebouw waarin onderwijs, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties elkaar kunnen ontmoeten.
e ontwikkeling van 10-14 onderwijs blijft een inspirerend toekomstperspectief, maar ligt in deze periode nog niet binnen bereik. We benutten de komende jaren om de samenwerking met basisscholen te versterken en zo een stevige basis te leggen voor de volgende stap in de toekomst.
Richting 2029
- De verbinding met de regio is zichtbaar verankerd in het onderwijsprogramma.
- Een deel van het onderwijsprogramma wordt buiten de school uitgevoerd in samenwerking met regionale partners.
- Praktijkruimtes functioneren als proeflabs voor projecten met externe organisaties.
- De samenwerking met basisscholen is structureel en gericht op een soepele overgang van po naar vo.
- De haalbaarheid van lintstages is onderzocht en voorbereid binnen alle afdelingen.
- Leerlingen doen tijdens hun schoolloopbaan ervaring op bij maatschappelijke en beroepsgerichte instellingen in de regio.
- De school is herkenbaar als regionaal leer- en ontmoetingspunt, waar onderwijs, praktijk en gemeenschap elkaar versterken.

4. Ambitie voor betekenisvol en levensecht onderwijs
Samenhang in betekenisvol en levensecht onderwijs
Onderwijs krijgt betekenis wanneer leerlingen ervaren dat wat zij leren ertoe doet, voor henzelf, voor anderen en voor de wereld om hen heen. Betekenisvol en levensecht onderwijs maakt leren concreet, relevant en motiverend. Het helpt leerlingen om kennis, vaardigheden en waarden te verbinden met hun eigen leven en toekomst. Zo draagt het bij aan persoonsvorming en intrinsieke motivatie, leerlingen ontdekken wie ze zijn, wat ze belangrijk vinden en hoe zij van betekenis kunnen zijn.
Werkwijze
We brengen betekenisvol leren tot leven door theorie en praktijk bewust met elkaar te verbinden. Elk vak koppelt leerdoelen aan de leefwereld van leerlingen en laat zien waarom kennis ertoe doet. Minstens één keer per periode werken leerlingen aan een opdracht of project waarin de relevantie van de leerstof zichtbaar wordt.
Tijdens de jaarlijkse activiteitenweek voeren alle leerlingen een levensechte opdracht uit voor een externe partner, bijvoorbeeld een duurzaamheidsvraagstuk van de gemeente, een opdracht van een lokaal bedrijf of een maatschappelijk initiatief. Zo ontdekken zij hoe leren in de praktijk impact heeft en ontwikkelen zij vaardigheden die verder reiken dan de toets.
Docenten ontwerpen leerervaringen die uitdagen, activeren en ruimte geven voor eigen keuzes. Leerlingen leren samenwerken, reflecteren en geven elkaar feedback. In minimaal de helft van de lessen werken zij samen en geven zij naast docentfeedback ook peer-feedback.
We sluiten aan bij actuele thema’s uit de samenleving, zoals duurzaamheid, technologie en democratie, en betrekken de gemeenschap bij het leren van leerlingen. Door samen te werken met lokale bedrijven, maatschappelijke organisaties en vervolgonderwijs ontstaat een netwerk waarin leerlingen de wereld ontdekken en de school haar betekenis voor de regio vergroot.
Richting 2029
- Betekenisvol en levensecht leren is herkenbaar in alle lessen en projecten.
- Leerlingen ervaren duidelijke verbinding tussen wat ze leren op school en wat er buiten speelt.
- Elk vak verbindt leerdoelen zichtbaar met de leefwereld van leerlingen.
- Iedere leerling werkt per periode aan een betekenisvolle opdracht en jaarlijks aan een externe levensechte opdracht in de activiteitenweek.
- In minimaal 50% van de lessen werken leerlingen samen en geven zij elkaar peer- feedback.
- Stages, beroepenmarkten en maatschappelijke projecten zijn structureel ingebed in het curriculum.
- Leerlingen kunnen verwoorden waarom hun leren ertoe doet en wat het betekent voor hun toekomst.
- De school is zichtbaar in de regio als een actieve leer- en oefenplaats voor maatschappelijke betrokkenheid en burgerschap.

5. Ambitie voor basisvaardig
Het fundament op orde
Leerlingen kunnen hun plek in de wereld vinden wanneer ze stevig goed toegerust zijn met basisvaardigheden. Bij het Hendrik Pierson College (HPC) vinden we het belangrijk dat iedere leerling voldoende taal, rekenen, digitale vaardigheden en burgerschapskennis beheerst om zelfverzekerd en zelfstandig de maatschappij in te stappen. We geloven in gelijke kansen door ongelijk onderwijs: iedereen krijgt wat hij of zij nodig heeft om verder te kunnen groeien. Basisvaardigheden vormen zo het fundament voor persoonlijke ontwikkeling, vervolgonderwijs en deelname aan de samenleving. Ook voor leerlingen die meer tijd of begeleiding nodig hebben, zoals binnen het symbioseonderwijs, zetten we ons in om hen stap voor stap basisvaardig te maken en toe te leiden naar het reguliere voortgezet onderwijs.
Werkwijze
Op het HPC maken we leren praktisch en betekenisvol. Taal komt niet alleen in Nederlands aan bod, maar ook in vakken als geschiedenis en biologie. Rekenen leren leerlingen niet alleen in wiskunde, maar ook via techniek, economie of bij praktische opdrachten zoals koken. Digitale vaardigheden en verantwoord omgaan met technologie, zoals AI, worden in meerdere vakken geoefend.
Leerlingen passen kennis en vaardigheden toe in echte situaties: ze schrijven verslagen, maken berekeningen in projecten, en werken aan maatschappelijke opdrachten. Docenten begeleiden dit proces door duidelijke doelen te stellen, gerichte feedback te geven en leerlingen te stimuleren om te reflecteren. Sociaal-emotionele vaardigheden zijn daarbij net zo belangrijk: samenwerken, zelfvertrouwen ontwikkelen en leren omgaan met uitdagingen. Zo krijgt elke leerling een stevige basis, passend bij zijn of haar niveau.
We werken samen met partners in de regio, zoals bibliotheken, scholen, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Zo maken leerlingen hun basisvaardigheden ook zichtbaar in de echte wereld en ervaren ze hoe leren impact kan hebben buiten de schoolmuren.
Richting 2029
- Alle leerlingen zijn basisvaardig op hun eigen niveau, met extra ondersteuning voor wie dat nodig heeft en extra uitdaging voor wie meer aankan. Het taal- en rekenbeleid is duidelijk, actueel en helpt bij het monitoren van voortgang.
- De leesomgeving is aantrekkelijk, actueel en sluit aan bij de belevingswereld van leerlingen, ondersteund door activiteiten zoals schrijversbezoeken of boekenclubs.
- Burgerschaps- en digitale vaardigheden worden systematisch ontwikkeld en toegepast in projecten en vakken.
- Docenten en coaches zijn actief betrokken bij de uitvoering van beleid en de ontwikkeling van interventies, en ondersteunen elkaar bij vakoverstijgende initiatieven.
- Externe partners dragen bij aan projecten zodat leerlingen leren verbinden met de maatschappij.
- Het symbioseonderwijs is verder ontwikkeld tot een structurele voorziening voor leerlingen die extra tijd en begeleiding nodig hebben om basisvaardig te worden voor een reguliere vo-klas. De samenwerking met basisscholen en het samenwerkingsverband is hierin geborgd.
- Leerlingen begrijpen zelf waarom hun basisvaardigheden belangrijk zijn en hoe ze deze inzetten voor hun toekomst.


